Tweede Wereldoorlog Muntendam

Bijzondere daden zijn er tijdens de bezetting in de Tweede Wereldoorlog Muntendam niet verricht volgens het verslag opgemaakt direct na de bevrijding door waarnemend burgemeester J.S. Gruben. Maar alle daden van verzet, hoe klein ook, verdienen het om vermeldt te worden, zodat de verhalen niet worden vergeten. Weet u meer over de oorlog in Muntendam, wilt u uw verhaal met ons delen? Of kunt u meer vertellen over het verzet in Muntendam dan zouden wij het waarderen als u contact met ons op zou nemen.

1940-no-staatvanbelegVERSLAG VAN DE ILLEGALE WERKZAAMHEDEN, VERRICHT IN DE GEMEENTE MUNTENDAM DOOR J.S. GRUBEN.

In 1941 werd in onze gemeente als een van de eerste Gemeenten in de Provincie Groningen. door wijlen de heer Bruggema van Veendam, de O.D. opgericht. Het kontakt werd gezocht bij de heer Kroeze en de heer P. Ploegsma.

De heer Ploegsma werd aangesteld als Commandant, die weer kontakt zocht met diverse personen uit onze Gemeente. Bijzondere voorvallen in de ledengroep hadden er niet plaats, totdat in juli 19, de heer Ploegsma als Commandant af moest treden op bevel van zijn superieuren en werd ondergetekende in zijn plaats tot Commandant benoemd door wijlen de heer Bruggema. De eed van trouw werd mij afgenomen door de heren Bruggema en F.v.d. Wijk. Enige tijd daarna is de heer A.F.J.Zijl als plaatsvervangend Commandant benoemd en ook hij heeft de eed van trouw in de handen van de heren Bruggema en van Wijk gelegd.

Toen het commando door mij overgenomen werd telde de O.D. 15 leden, doch deze werd door rnij uitgebreid tot plm. 50 leden, die allen absoluut betrouwbaar werden bevonden. Deze leden zijn allen op zo’n wijze bewerkt, dat geen van allen wist wie hun Commandant was. Slechts enkele ingewijden wisten wie de Commandant was, en wie de leiding in Muntendam had. Gelukkig hebben zij het steeds geheim kunnen houden. Bijzondere daden zijn er tijdens de bezetting niet verricht, een bezetting van de Grune hebben we niet gehad. Wel zijn er enkele mensen opgepakt door de Grune die hun bezetting in Veendam hadden.

Een paar gevallen die kritiek leken hebben we hier meegemaakt.

De heer A.H. Werkman was onze verzorger van diverse onderduikers in de Gemeente. Hij werd op een avond uit het bed gelicht door de landwacht, met hulp van de Grune. Bij hem thuis werden ongeveer 500 levensmiddelenkaarten gevonden. Hij moest na verhoord te zijn mee naar Veendam en werd daar in een cel opgesloten. Gelukkig hebben onze vrienden te Veendam onder leiding van de heer H. Ottevanger hem uit de cel bevrijd, door de dienstdoende agent te overvallen en hem de cel te laten bezetten in ruil voor de vrijheid van Werkman.

Verder verdient nog vermeld te worden de heer H.M. Flik te Tripscompagnie, die als student in Groningen vertoefde. Deze jongeman heeft zich tijdens de bezetting en met de bevrijding heldhaftig gedragen. Daar hij in de Gemeente Muntendam woonachtig is, heb ik hem verzocht een rapport van zijn daden te willen maken, hetgeen hij op zijn bescheiden manier heeft gedaan. De heer Flik zal hoogstwaarschijnlijk met zijn ene hand invalide blijven, doordat een kogel zijn duimpees heeft vernield. Over het secretarie en distributie personeel kan ik nog meedelen, dat diverse onderduikers door hen verzorgd zijn geworden met Persoonsbewijzen en Distributiebonnen.

In onze gemeente, evenals overal elders, waren ook paardenauto’s, motoren, radiotoestellen enz. onder­gedoken.

De heer Kroeze heeft tijdens de bezetting een joodse familie opgeborgen onder de vloer van zijn kantoor, waar hij er een ruimte speciaal voor had ingericht.

noodbrug-tussenklappen2-Muntendam

De noodbrug over het diep in Tussenklappen

Toen op 13 april, de gemeente Veendam door de geallieerden bevrijd werd, trokken de laatste Duitsers en N.S.K.K. mannen uit ons dorp na eerst de brug nog opgeblazen te hebben. Wij hadden dit willen voorkomen, doch het mislukte. Kort nadat de brug opgeblazen was, kwamen er enige schepen begeleid door Duitsers aan varen. De brug was in het water gevallen en stremde zodoende het verkeer te water. De begeleidende soldaten hebben toen de schepen door middel van handgranaten laten zinken. Daar er schepen met levensmiddelen bij waren trachtten de Muntendammers de half gezonken schepen te plunderen. Ik ben toen direkt naar Veendam gegaan om orders hoe in deze te handelen. Daar werd mij gezegd dat ik volgens eigen inzicht maar moest regelen. Met behulp van de politie en O.D, zijn toen de schepen gelost en de inhoud opgeslagen onder kontrole van de O.D.

Op zaterdag 14 april trad de O.D. in Muntendam openlijk in werking. Wij hadden toen nog geen enkele geallieerde soldaat hier gezien. Als eerste werd door mij gevangen genomen de N.S.B.-burgemeester Heikens van Muntendam.

In de loop van de dag werden door ons de N.S.B.-ers uit ons dorp gearresteerd. Evenals de z.g. “Lunenburgers”. Dit zijn uitgeweken N.S.B.-ers naar Duitsland, die door de Duitsers hierheen geëvacu­eerd zijn.

Overal in de omtrek op nog geen twee uur gaans werd door de geallieerden nog tegen de Duitsers ge­vochten. In totaal werden hier in de scholen ongeveer 450 “Lunenburgers”en dorpsgenoten ingesloten. Deze scholen zijn toen tot interneringskampen ingericht.

Eind augustus zijn de kampen door afwering van de geïnterneerden naar permanente kampen opgeheven. Op 19 april werd ondergetekende door Majoor Jannink, commissaris van het distrikt Veendam, tot waarnemend Burgemeester van de Gemeente Veendam benoemd, welke functie hij tot op heden be­kleedt.

Wg J.S. Gruben.


Jan Gruben noemt in zijn verslag een aantal namen van personen die tijdens de WOII actief waren binnen het verzet in Muntendam. Zoals natuurlijk vader en zoon Hendrik en Pieter Kroeze, die het joodse echtpaar Eckstein-Lezer heeft verborgen in de kelder van hun kantoor aan de Nieuweweg, het verslag kunt u elders op deze website lezen. Ook noemt Jan Gruben de naam van A.H.B.  Werkman. Dit was Aldert Harm Berend Werkman. Aldert is in 1944 door Duitsers gearresteerd omdat hij in het bezit was van 30 bonkaarten. Is uit een cel van het politiebureau Veendam bevrijd door K.J. Smit, M. de Jonge, K. de Jonge, Munneke en Wiersma omdat zij bang waren dat Aldert door zou slagen en zij wellicht ook werden opgepakt. Aldert werd naar Gieterveen gebracht en dook daar onder. Zijn achternaam werd tot het einde van de oorlog veranderd in Norder. Zijn verzetsactiviteiten waren het verzorgen van onderduikers en hij zorgde voor extra distributiebonnen.

Verder worden tijdens vraaggesprekken de volgende namen genoemd als personen actief in het verzet in Muntendam

  • Hendrik Flik; Detmer Jonker (OD/BS); Jan Lamain; Kornelis Lamain; Hendrik Pater; A. de Vries, Adolf Zijl;
    Johannes Schuiling(OD/BS) (Wie weet meer over de verzetsactivitieiten van deze mannen?)

Rienko Hendrik Pronk

heeft diverse onderduikers tijdelijk onderdak geboden voor een paar dagen. Hij had toen een molen aan het Oude Verlaat, waar hij Koren moest malen voor de Duitsers. Hiervan kon hij natuurlijk ook gebruik maken om koren te malen voor de onderduikers zodat van het meel Brood gebakken kon worden. Ondanks deze mogelijkheid was het niet altijd – zo gemakkelijk voedsel te krijgen voor de onderduikers. Op een gegeven moment hebben ze zelfs bij een boer uit Tussenklappen op een nacht graan en aardappelen moeten stelen om de onderduikers van eten te voorzien. De Duitsers hebben verschillende huiszoekingen gehouden op zoek naar bonkaarten en andere verboden middelen in die tijd.

Chistoffer Rustebiel

Schoenmaker Rustebiel had vaak onderduikers, met name joden uit Amsterdam, voor een of twee nachten die in een keldertje onder de bedstee verbleven. Ze gingen dan de volgende dag of nacht verder naar mensen op de Nieuweweg. Zijn zoon heeft als 13/14 jarige weleens pakjes weggebracht. Hierin zaten vermoedelijk verzetskrantjes. Op de avond van 13 april 1945 toen de Polen in Veendam waren, moest Christoffer Rustebiel zich melden op het gemeentehuis. Hier werden wapens uitgedeeld en Christoffer Rustebiel moest met enkele anderen de wacht houden. Na de bevrijding op 14 april 1945 heeft hij vaak wachtgelopen bij de O.L. School. Hier waren tijdelijk de NSB.-ers naar toe gebracht alvorens ze naar strafkampen in de Polder werden overgebracht.

Roelfina Smilde

was werkzaam bij wasserij Dieterman. Tijdens haar werk zong zij soms (verboden) vaderlandse liederen. Roelfina is door een collega verraden en gearresteerd en is veroordeeld tot een half jaar gevangenisstraf. Is pas na een jaar teruggekeerd.

Teunis Smit

Teunis was vrachtvervoerder, woonde aan de Duurkenakker F6. Kreeg inlichtingen over arrestaties en razia’s en gaf deze door. Hielp mensen met levensmiddelen. Hielp enkele spoorweggezinnen met onderduiken. Heeft woning van stationschef Bruining leeggehaald.

Aldert Harm Berend Werkman

Aldert is geboren op 20 augustus 1914 in Muntendam. Aldert woonde aan ’t Loeg B17.; Beroep: Klerk afdeling controle Trambedrijf Oostelijk Groningen. Aldert is in 1944 door Duitsers gearresteerd omdat hij in het bezit was van 30 bonkaarten. Is uit een cel van het politiebureau Veendam bevrijd door K.J. Smit, M. de Jonge, K. de Jonge, Munneke en Wiersma omdat zij bang waren dat Aldert door zou slagen en zij wellicht ook werden opgepakt. Aldert werd naar Gieterveen gebracht en dook daar onder. Zijn achternaam werd tot het einde van de oorlog veranderd in Norder. Zijn verzetsactiviteiten waren het verzorgen van onderduikers en hij zorgde voor extra distributiebonnen, na de bevrijding Kampcommandant B.T. Gegevens van het Centrale afwikkelingsbureau BS. Contactpersonen verzet: Wiersema, Gruben, Ottevanger, Kroeze P, Kroeze H. en Koster.

Huisarts Maarsingh

Op een hele andere manier wordt er verzet gepleegd door huisarts Maarsingh. De jongens/mannen die hij moest keuren voor de arbeidseinsatz gaf hij allemaal een briefje mee zodat ze weer naar huis konden gaan, ongeschikt als dwangarbeider in Duitsland. Hij leverde niemand af aan de O.T. en Duitsland. Na de bevrijding verscheen een gedichtje voor hem in de Vrije Nederlander met als titel “Een man om trots op te zijn!”.

2-6-1945
Muntendam, 30 mei
Een man van daden
Er is een man in Muntendam, Zijn naam wordt vaak genoemd-
Maar in de kranten stond hij niet, Hij was niet zo beroemd.
Heel dikwijls hielp hij mensen Uit ziekbed en uit leed;
Maar wat een fijne daden hij Voor Muntendammers deed,
Met gevaar voor eigen leven En rust van zijn bestaan!
Hielp werkers aan een briefje Om weer naar huis te gaan.
Aan O.T. en aan Duitsland Leverde hij niemand af!
Laat ons deez’ man toch danken Vooral die bij hem kwam
’t Is onze dokter Maarsingh, De Trots van Muntendam.
H.R.

Oud -burgemeester Pot wijst een beschuldiging van de hand, toen hij zich voor het tribunaal moest verantwoorden, dat hij een lijst zou hebben opgesteld van personen die in aanmerking kwamen voor gijzeling. Dergelijke lijsten werden echter door alle NSB-burgemeesters opgesteld.  Ook is deze lijst in het archief van Muntendam aangetroffen. Het betreft een lijst met 20 namen, die onder andere volgens Pot verdacht worden van zwarte handel, 3 mannen zijn volgens hem “nietsnutters” en 3 hebben een ausweis voor landarbeid maar volgens Pot verrichten zij nauwelijks arbeid. Van 1 persoon is bekend dat hij kort erna  gevangen zat in “Kamp Erica” bij Ommen, vandaar is hij op transport gezet naar Buchenwald. Deze persoon heeft de oorlog overleefd.

Weet u meer over de oorlog in Muntendam, wilt u uw verhaal met ons delen? Of kunt u meer vertellen over het verzet in Muntendam dan zouden wij het waarderen als u contact met ons op zou nemen.

………..OPDAT WIJ NIET VERGETEN………..

Reageren is niet mogelijk